Gebaseerd op:VVP Weekblad voor financiële dienstverleners (12-5-2010)
De Consumentenbond pleit voor een benchmark voor financiële producten, zodat consumenten weten wat een redelijke vergoeding is voor de inspanningen van adviseurs. Carel van Vredenburch, beleidsadviseur bij de Consumentenbond, erkent dat door de WFT en Bgfo de transparantie is verbeterd. Toch is nog niet duidelijk hoe de verantwoordelijkheden zijn verdeeld tussen intermediair en aanbieders. Door de strengere wet- en regelgeving is volgens Van Vredenburch een verschuiving opgetreden van verkoopgedreven naar adviesgericht handelen. Klanten krijgen meer inzage in de kosten en de dienstverlening van adviseurs, maar er is nog geen sprake van een volledig `level playing field`. Rechtstreekse aanbieders mogen namelijk volstaan met slechts een kostenverklaring. Van Vredenburch wil dat deze partijen wat meer moeite doen om inzage te geven in de kosten en opbouw daarvan. Al met al blijft het ondanks de transparantie voor consumenten lastig om te bepalen wat een redelijke beloning is. Het dienstverleningsdocument helpt, maar is nog niet specifiek genoeg. De reikwijdte van de Consumentenbond is beperkt. De bond heeft minder bevoegdheden dan bijvoorbeeld AFM en moet vooral afgaan op signalen van zijn leden.
Bron: Profnews